Ze had shockerende ideeën. Ik moest van haar die nacht samen met zoonlief in één bed slapen. Geen haar op mijn hoofd die daaraan dacht. Ik was doodmoe van de vrouw en de zoon was al net zo nerveus.
Gelukkig kreeg ik een briljant idee. Ik zei dat het essentieel was dat ik sliep op de plaats des onheils om eventueel met de entiteiten te kunnen communiceren. Mijn gok was juist. Zoonlief stierf nog liever dan dat hij op zolder ging slapen. Toen het nog licht en veilig was, werd een matrasje naar zolder gebracht en ik was er in elk geval van verzekerd dat ze mij ’s nachts met rust zouden laten. De migraine zette door en ik had geen zin om het deze mensen uit te leggen.
Gelukkig lag ik in mijn uppie op een stille aardedonkere zolder. Ik kon de ergste uren van de aanval alleen uitzieken. Die entiteiten interesseerden me niets meer en van mij mochten ze bij wijze van spreken naast mijn bed komen staan, als ze maar geen lawaai veroorzaakten. Middenin de nacht hoorde ik gekraak op de trap, de zolderdeur ging open, en mijn ergste vermoeden werd waarheid!
De hysterische vrouw kwam binnen met een fototoestel en knipte mij op de foto, tegen mijn wil. ‘Nu jij hier ligt, zei ze, durf ik wel naar de zolder’. Jij pakt ze wel aan. ”Wat enig die krullen van je op het kussen!” (??) Ik heb haar weggestuurd om een glas water met aspirine te halen en ik zei dat ik wilde slapen. |